Opvoeden

De televisie ging een avond lang over opvoeden. We besloten te kijken naar wat ons te wachten staat.

Opvoeden bleek een zorgelijke zaak. Violen zaagden mineurakkoorden tussen de filmpjes over ouders die het naar eigen zeggen erg moeilijk vonden op te voeden. Enkele ouders hadden zich opgegeven voor een cursus waar ze konden oefenen met honden. Onder een van de filmpjes was de muziek gemonteerd van Requiem for a Dream.

Er werd niet gelachen. Eigenlijk ging het niet over opvoeden, maar over Het Grote Zelfmedelijdentm ? en dat is niet alleen mijn preoccupatie. De eerste vraag die ik tegenwoordig krijg is: ?En? Hou je het nog een beetje vol??
    Drie uur lang keken ouders in de camera, de ogen smeekend om begrip en erkenning voor hun geploeter. Het viel allemaal niet mee, wilden ze maar zeggen. Wie ooit beloofd had dat het allemaal mee zou vallen, werd niet duidelijk.

De VIHB en ik keken zwijgend. Totdat er een fronsende meneer met warrig grijsblond haar in beeld verscheen. Hij debiteerde met grote ernst zorgelijke gedachten over de jeugd. De gebruikelijke riedel. Op een bruilof klampte me laatst iemand aan met een vergelijkbaar betoog. Het laveerde tussen woede en paniek. Af en toe veegde ik zo onopvallend mogelijk zijn speeksel van mijn wang en oorschelp.

Onder het hoofd van de fronsende meneer verscheen een titel: ?Thomas Rosenboom ? Schrijver.? De VIHB en ik doorbraken ons stilzwijgen om ons tegelijk af te vragen waarom meneer Rosenboom in een uitzending over opvoeden moest. Het leek me een nogal kinderloos figuur. Maar als schrijver ga je over de wereld en omstreken ? de arbeidsspecialisatie staat nog in de kinderschoenen in dat vak. Misschien moest er nog een intellectueel in het programma. Het was de VPRO, tenslotte.

Volgens de website zat meneer Rosenboom in het programma omdat hij iets heeft geschreven over dat Nederlanders onbeschoft zijn. Ojajoh? Ik herinnerde me hoe ooit ik vastgelopen was in Publieke Werken wegens zijn neiging om trivialiteiten te vermommen als belangwekkende observaties.

Pas bij de aftiteling viel er iets te lachen. In een zwartwit filmpje vroeg een o-ver-dre-ven articulerende mevrouw aan een professor in de kinderpsychiatrie of hij het acceptabel achtte dat kinderen een karbonaadje helemaal afkluiven. De professor zei dat het allemaal hoorde bij het spelend leren.
    ?Dus de vetvlekken op de kleding en in de haren en dergelijke moeten we maar op de koop toe nemen,? concludeerde de mevrouw met zichtbare tegenzin.
    Ik vroeg me af welke koop ze toch zou bedoelen.

Miesepies | Maandag 17 Oktober 2005 - 01:03 am | | Tekst | 38 reacties

Causaal model der zelfdoding

Dikke machinist: ?We rijden niet verder, want er is iemand voor de trein gesprongen.?
Grijze man: ?O ja? Gebeurt dat vaker??
Grijze vrouw: ?Dat komt door het weer, hè.?
Dikke machinist: ?Ongeveer drie keer per week.?
Grijze man: ?Sjongejonge.?
Grijze vrouw: ?Ja, het is weer herfst, hè. Dan krijg je dat.?

Miesepies | Vrijdag 07 Oktober 2005 - 12:00 pm | | Tekst | Twintig reacties

Groupie

Na tien minuten wist ik dat ik een groupie had op de derde rij. Je ziet het aan de ogen. Ik wist dat de groupie zo meteen zou opstaan en me een vraag zou stellen. In de pauze na mijn presentatie zou de groupie naar me toe komen en een monoloog houden. Mijn groupies houden graag monologen.

De VIHB legde me ooit uit dat ze verliefd op me werd omdat ik nerderig en sexy tegelijk was.
Er is een groep mensen die daar ook erg gevoelig voor is: ingenieurs rond de pensioengerechtigde leeftijd ? dat zijn mannen die zich tot hun dood blijven voorstellen door te vertellen wat ze gestudeerd hebben.

De man op de derde rij stak zijn hand op. Het halogeenlicht van de seminarzaal maakte zijn strak gekamde grijze haar bijna wit. Hij tuitte even zijn lippen.
    ?Ja,? zei ik. Ik knikte naar de man.
    ?Mijn naam is Van Puffelen,? zei de man. ?Ik heb oorspronkelijk elektrotechniek gestudeerd in Delft en werk bij de directie Strategische Capaciteitsplanning van het ministerie van Belangwekkende Zaken. Het valt me op dat er vandaag zo weinig aandacht is voor de techniek. U bent de eerste die daar iets over zegt.?
    Aan de andere kant van de zaal riep iemand: ?Ik vind juist dat we teveel over techniek praten.? Dat was een econoom.
    De ingenieur hoorde hem niet. Of hij had op het ministerie geleerd net te doen alsof je economen niet hoorde. De ingenieur leefde waarschijnlijk aan de onderkant van de bureaucratische voedselketen en dan is negeren een onontbeerlijke overlevingsstrategie. Hij ging verder: ?Er is de laatste jaren veel te weinig aandacht voor de technologische ontwikkelingen op dit terrein. In het buitenland zijn ze daar al veel verder mee. Daar gaat het heel hard. Wij lopen de boot enorm mis, als we niet oppassen.?
    Persoonlijk vind ik het een geruststellend idee ? dat we elke dag allerlei boten missen, lopend of anderszins. Ik blijf liever thuis.
    ?Wat is uw vraag precies?? interrumpeerde de voorzitter.
    ?Nou, ik wil graag weten of de spreker ook vindt dat er veel te weinig wordt geïnvesteerd in onderzoek en technologische ontwikkelingen.?
    Ik krijg altijd dezelfde vraag van mijn groupies: een verzoek om in te stemmen met iets wat ze al vinden. Ik antwoordde dat je niet aan een wetenschapper moet vragen of er genoeg onderzoek wordt gedaan.
    De zaal gniffelde.
    
In de pauze liep ik naar het toilet. Toen ik de deur van de toiletruimte losliet, werd deze opgevangen door de groupie.
    Ik glimlachte even naar hem, ging voor een urinoir staan en ritste mijn broek open.
    ?U had een heel scherp verhaal, zojuist,? zei de groupie, terwijl hij zijn broek openritste. Hij keek naar me over het kleine zwarte schotje tussen ons.
    ?Dank u,? zei ik.
    Ik concentreerde me op mijn urinebuis.
    Enkele seconden lang stonden we met onze geslachten in de hand te wachten op urine.
    Toen de urine was gearriveerd, zette de man zijn betoog voort. Het ging langs me heen. Ik kan niet multi-tasken rondom ontlasting. Een beetje lezen lukt nog net.
 
Toen we weer naar buiten liepen sprak hij weer, of nog steeds, over de snelle technologische ontwikkelingen in het buitenland. ?De techniek verandert zo snel en wij hebben nog steeds dezelfde spullen staan als vijftig jaar geleden.?
    Ik vroeg wat de meest veelbelovende nieuwe ontwikkelingen waren.
    Zonder een moment te twijfelen antwoordde hij: ?Kabels.?
    ?Aha,? zei ik.
    De man knikte.
    Het bleef even stil.
    Ook voor mij is negeren onontbeerlijke overlevingsstrategie. Ik keek om me heen naar mensen die ik kon aanklampen.

Miesepies | Zondag 02 Oktober 2005 - 11:53 pm | | Tekst | Elf reacties